WIPO Arbitration and Mediation Center

UITSPRAAK GESCHILLENBESLECHTER

Optidee Marketing GmbH v. P. de Corte

Zaaknr. DNL2015-0035

1. Partijen

De Eiseres is Optidee Marketing GmbH uit Nordhorn, Duitsland, vertegenwoordigd door Op 't Ende Van Luijn Broekhoven advocaten, Nederland.

De Verweerster is P. de Corte uit Asten, Nederland, vertegenwoordigd door Dirkzwager advocaten & notarissen.

2. De Domeinnaam

De onderhavige domeinnaam <optidee.nl> is geregistreerd bij SIDN via XL Internet Services B.V.

3. Geschiedenis van de Procedure

De Eis is ingediend bij het WIPO Arbitration and Mediation Center (het "Instituut") op 29 juni 2015. Het Instituut heeft op 29 juni 2015 per e-mail een verificatieverzoek aan SIDN gestuurd met betrekking tot de onderhavige domeinnaam. In antwoord hierop heeft SIDN op 2 juli 2015 bevestigd dat de Verweerster geregistreerd staat als de domeinnaamhouder en heeft SIDN de contactgegevens van de Verweerster overgelegd. Het Instituut heeft vastgesteld dat de Eis voldoet aan de formele vereisten van de Geschillenregeling voor .nl-domeinnamen (de "Regeling").

Overeenkomstig de artikelen 5.1 en 16.4 van de Regeling heeft het Instituut de Verweerster formeel op de hoogte gesteld van de Eis en is de procedure op 2 juli 2015 aangevangen. In overeenstemming met artikel 7.1 van de Regeling was de laatste datum voor het indienen van het Verweerschrift 22 juli 2015. Het Instituut heeft de Verweerster op diens verzoek, met goedvinden van de Eiseres, tot 29 juli 2015 uitstel verleend. Het Verweerschrift is bij het Instituut ingediend op 29 juli 2015.

Op 10 augustus 2015 heeft SIDN het mediation proces aangevangen. Op 21 september 2015 heeft SIDN partijen geïnformeerd dat het geschil niet door middel van het mediation proces is opgelost.

Het Instituut heeft Alfred Meijboom op 1 oktober 2015 benoemd als Geschillenbeslechter in deze zaak. De Geschillenbeslechter stelt vast dat hij correct is benoemd. De Geschillenbeslechter heeft de Verklaring van Onpartijdigheid en Onafhankelijkheid aan het Instituut overgelegd, zoals vereist overeenkomstig artikel 9.2 van de Regeling.

De Verweerster heeft het instituut op 12 oktober 2015 een e-mail gestuurd met het verzoek om de uitspraak aan te houden tot tenminste 20 oktober 2015 omdat de Verweerster inmiddels een procedure is begonnen voor het Landgericht Osnabrück, Duitsland, waarvan de domeinnaam onderdeel is, en op 20 oktober 2015 een comparitie van partijen plaatsvindt, op welk moment meer duidelijkheid zou bestaan over de termijn waarop een uitspraak tussen partijen kan worden verwacht. De Eiseres heeft een reactie ingediend op 16 oktober 2015.

4. Feitelijke Achtergrond

De Eiseres is een in Duitsland gevestigde handelsonderneming, die zich sinds 2006 toelegt op de productie en de verkoop van microvezelproducten. Zij is bij schriftelijke overeenkomst van 25 juni 2015 exclusief licentiehoudster van de Internationale merkenregistratie OPTIDEE met registratienummer 856381 van 29 november 2004 voor waren in klassen 3, 5, 11, 20 ,21 en 24, dat onder meer op 5 oktober 2006 in de Europese Gemeenschap is ingeschreven, inclusief een onherroepelijke volmacht om zelfstandig en voor eigen rekening op te treden tegen inbreuk op het bedoeld merk.

Blijkens registratie in het handelsregister voert de Verweerster een eenmanszaak met als activiteiten detailhandel via huisparty's, braderieën, beurzen en vanuit huis van "Optidee" producten die op 1 juli 2010 is opgericht. De Verweerster is vanaf augustus 2009 als zelfstandig adviseur/agent van de Eiseres werkzaam geweest. De onderhavige domeinnaam is voor het eerst op 19 februari 2004 geregistreerd en is op 2 november 2012 op naam van de Verweerster gesteld.

5. Stellingen van Partijen

A. Eiseres

De Eiseres voert aan dat zij door haar producten, die in Nederland sinds 2006-2007 door Optidee Nederland v.o.f., met wie de Eiseres een samenwerking heeft, via een netwerk van zelfstandige adviseurs en agenten worden verhandeld, bij het Nederlandse publiek bekend is geworden en dat zij daar een aanzienlijke klantenkring heeft opgebouwd, zodat de Eiseres rechthebbende is op de handelsnaam "Optidee" in Nederland. Volgens de Eiseres is de onderhavige domeinnaam identiek aan of stemt in grote mate overeen met haar handelsnaam en merk OPTIDEE (hierna tezamen ook het "Merk").

De Verweerster heeft onder de onderhavige domeinnaam geen waren of diensten onder het Merk aangeboden en evenmin wordt op de website onder de onderhavige domeinnaam vermeld of er een relatie is met de Eiseres, of dat de Eiseres de merkhoudster en/of handelsnaamrechthebbende is. De website onder de onderhavige domeinnaam linkt slechts naar de website van een mediabureau. Daarmee staat vast dat de onderhavige domeinnaam door de Verweerster sinds de overdracht aan haar niet wordt gebruikt om te goeder trouw producten of diensten van de Eiseres aan te bieden. De distributierelatie tussen de Eiseres en de Verweerster is per 31 mei 2015 geëindigd, zodat de Verweerster ook te dienaangaande geen recht of legitiem belang bij de onderhavige domeinnaam heeft. Voorts is de Verweerster ook niet algemeen bekend onder de onderhavige domeinnaam, nu zij de onderhavige domeinnaam immers niet, ook niet voor eventuele legitieme niet-commerciële doeleinden zonder enige intentie om de Eiseres te beschadigen of op andere wijze aan te tasten, gebruikt. De Verweerster belet de Eiseres om haar handelsnaam en het Merk als domeinnaam voor de Nederlandse markt te gebruiken.

De Verweerster heeft geen website onder de onderhavige domeinnaam, waaruit reeds kan worden geconcludeerd dat de Verweerster de onderhavige domeinnaam houdt om te voorkomen dat de Eiseres de onderhavige domeinnaam in gebruik neemt. Dit wordt bovendien versterkt doordat de Verweerster weigert om gevolg te geven aan de herhaalde sommaties van de Eiseres om de onderhavige domeinnaam aan haar over te dragen. De Verweerster heeft aangegeven de onderhavige domeinnaam alleen aan de Eiseres over te willen dragen tegen betaling van een exorbitant hoge vergoeding. Reeds daarmee is de registratie c.q. het gebruik van de onderhavige domeinnaam door de Verweerster te kwalificeren als te kwader trouw.

B. Verweerster

De Verweerster betwist dat de Eiseres een naar Nederlands recht beschermde handelsnaam heeft omdat zij zich beroept op de handelsnaam van Optidee Nederland v.o.f., die niet de Eiseres is, terwijl de Eiseres zich middels de handelsnaam "Optidee" niet op Nederland richt zodat er geen sprake is van een Nederlandse handelsnaam. Voorts stelt de Verweerster dat de licentieovereenkomst op grond waarvan de Eiseres het gebruiksrecht van het merk OPTIDEE en de volmacht om op te treden tegen merkinbreuk heeft verkregen niet van toepassing is omdat de licentieovereenkomst ziet op het optreden tegen merkinbreuken en niet op administratieve procedures voor domeinnamen, zoals die waarin de Regeling voorziet, terwijl de licentie voorts niet in het Gemeenschapsmerkenregister is ingeschreven zodat zij geen derdenwerking heeft. De eis dient reeds om deze redenen worden afgewezen.

De Verweerster heeft de onderhavige domeinnaam te goeder trouw geregistreerd in overleg met en met toestemming van de Eiseres. Niet is overeengekomen dat de Verweerster de onderhavige domeinnaam direct of later aan de Eiseres zou overdragen. Er is wel over gesproken dat de Verweerster, die voorlopig zou investeren in de onderhavige domeinnaam, de onderhavige domeinnaam tegen een vergoeding aan de Eiseres zou overdragen. De Verweerster had derhalve een legitiem belang bij het registeren van de onderhavige domeinnaam.

Als de Eiseres haar producten succesvol op de Nederlandse markt heeft gebracht is dat voor circa 40% van de omzet te danken aan de Verweerster. De Verweerster heeft daarom recht op een vergoeding en het is aan de Duitse rechter, voor wie de Verweerster een procedure zal starten wegens beweerde onrechtmatige beëindiging van de agentuurrelatie tussen partijen, om de hoogte daarvan te bepalen. In dit verband heeft de Verweerster een legitiem belang om de onderhavige domeinnaam te houden zodat de Eiseres niet middels misbruik van de onderhavige procedure een sterkere positie inneemt door "alvast de domeinnaam af te nemen". In dit verband merk de Verweerster op dat er gesprekken zijn geweest waarbij de onderhavige domeinnaam voor een symbolisch bedrag van één euro aan de Eiseres zou worden overgedragen in het kader van een meeromvattende regeling. Het is derhalve niet de bedoeling van de Verweerster om de onderhavige domeinnaam tegen betaling van een substantieel geldbedrag over te dragen. Het zou volgens de Verweerster misbreuk van de Regeling zijn indien de Verweerster, die de onderhavige domeinnaam rechtmatig heeft verworven, gedwongen zou worden om de onderhavige domeinnaam om niet aan de Eiseres af te staan.

De Verweerster voert voorts aan dat zij bereid is om de onderhavige domeinnaam aan de Eiseres over te dragen, maar slechts na afwikkeling van de harer inziens onrechtmatige beëindiging van de agentuurovereenkomst tussen partijen. Zij verzoek de Geschillenbeslechter, indien hij toch zou beslissen dat de onderhavige domeinnaam aan de Eiseres moet worden overgedragen, dat aan de Eiseres wordt opgelegd om aan de Verweerster een redelijke vergoeding voor het overdragen van de onderhavige domeinnaam te betalen, vooruitlopend op het beëindigingsgeschil dat, zoals het Verweerschrift aangeeft, de Verweerster aan de Duitse rechter voorlegt.

Omdat zij daarvoor toestemming had van de Eiseres heeft de Verweerster de onderhavige domeinnaam niet te kwader trouw geregistreerd. Ook mag uit het feit dat de onderhavige domeinnaam nooit tot een werkende website voor "Optidee" producten heeft geleid niet worden afgeleid dat de onderhavige domeinnaam te kwader trouw is gebruikt. De reden hiervoor was dat de Verweerster in overleg met de Eiseres een website zou ontwikkelen, maar die nooit 'live' is gegaan mede als gevolg van de discussie tussen partijen over, zoals de Geschillenbeslechter begrijpt, de (financiële afwikkeling van de) beëindiging van de agentuurovereenkomst. Volgens de Verweerster kan en mag deze situatie niet gelijk gesteld worden aan het bezet houden van een domeinnaam om zodoende de merkhouder te blokkeren. In casu is de domeinnaam onderdeel van een groter geschil en mag de Regeling niet gebruikt worden om de Verweerster in een nadeliger positie te brengen. De Verweerster meent dat de door de Eiseres gestarte procedure een geval van reverse domain name hijacking (zoals bedoeld in de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy (de "UDRP")) is.

6. Taal van de procedure

De Eiseres is gevestigd in Duitsland. De Verweerster is gevestigd in Nederland. Artikel 17.2 van de Regeling bepaalt dat indien de Eiseres of de Verweerster niet in Nederland woonachtig of gevestigd is, de behandeling van de procedure in beginsel in de Engelse taal geschiedt. In bijzondere omstandigheden, zoals wanneer beide partijen kennelijk de Nederlandse taal machtig zijn, kan de Geschillenbeslechter echter beslissen dat het Nederlands de procestaal is. In de onderhavige zaak staat genoegzaam vast dat beide partijen de Nederlandse taal machtig zijn, terwijl zowel de Eis als het Verweer in het Nederlands zijn ingediend. Overeenkomstig de uitspraken in vergelijkbare zaken (bijvoorbeeld Tesamen vzw v. A.N.M van der Voort, WIPO Zaaknr. DNL2014-0020 en Omega Pharma NV v. lntervoll BV, WIPO Zaaknr. DNL2014-0049) wijst de Geschillenbeslechter het Nederlands aan als procestaal.

7. Verzoek om aanhouding van de uitspraak

Het verzoek van de Verweerster van 12 oktober 2015 en reactie daarop van de Eiseres zijn nadere stukken die partijen eigener beweging aan het Instituut hebben toegestuurd. Op grond van artikel 11.2 van de Regeling is het aan de Geschillenbeslechter om te beoordelen of deze stukken worden toegelaten.

Alhoewel het verzoek van de Verweerster de Geschillenbeslechter bereikte nadat hij de uitspraak voor verzending aan partijen had gestuurd heeft de Geschillenbeslechter kennis genomen van de inhoud van het verzoek van de Verweerster en laat hij de nadere stukken toe omdat zij in beginsel een nader licht op het geschil kunnen werpen.

In haar verzoek stelt de Verweerster dat zij inmiddels een procedure voor het Landgericht Osnabrück, Duitsland, tegen Eiseres is begonnen, waarvan de onderhavige domeinnaam onderdeel is zoals in het Verweerschrift uiteengezet. Ten opzichte van het Verweerschrift is het enige nieuwe dat de zaak inmiddels is aangebracht en dat er op 20 oktober 2015 een comparitie tussen partijen plaats zal vinden. Omdat het verzoek niet bepaalt dat de overdracht van de onderhavige domeinnaam aan de rechter in Osnabrück is voorgelegd – hetgeen naar de Geschillenbeslechter voorkomt alleen in reconventie door de Eiseres kan worden gevorderd, terwijl Eiseres in haar reactie enkel heeft betwist dat de onderhavige domeinnaam zelfstandig onderwerp van de Duitse procedure is –moet worden aangenomen dat dit niet het geval is.

In haar Verweerschrift voert de Verweerster aan dat deze administratieve procedure samenloopt met, en onderdeel is van een geschil tussen partijen over de mogelijk onrechtmatige beëindiging van de agentuurovereenkomst tussen de Eiseres en de Verweerster, en dat deze administratieve procedure de Verweerster's positie in de inmiddels gestarte procedure voor de Duitse rechter zou frustreren als de Eis zou worden gehonoreerd. In dit verband merkt de Geschillenbeslechter op dat de Verweerster bij registratie van de onderhavige domeinnaam akkoord is gegaan met de toepasselijkheid van de Regeling, die voorts onder meer in artikel 21 bepaalt:

"Deelname aan deze geschillenregeling (inclusief het mediation proces) weerhoudt noch de verweerder noch de eiser ervan om het geschil buiten deze regeling om voor te leggen aan een bevoegde, onafhankelijke rechter".

Aangezien de Verweerster een procedure voor de Duitse rechter tegen de Eiseres aanhangig heeft gemaakt waarbij zij schadevergoeding van de Eiseres zal vorderen wegens onrechtmatige beëindiging van de agentuurrelatie, waarbij de onderhavige domeinnaam een bepaalde waarde kan vertegenwoordigen, merkt de Geschillenbeslechter op dat hij zich in deze zaak onder de Regeling louter laat leiden door de vraag of is voldaan aan de eisen van artikel 2.1 van de Regeling, waarbij het in een voorkomend geval aan de gewone rechter is om te oordelen over een eventuele vergoedingsplicht van de Eiseres jegens de Verweerster indien de Geschillenrechter mocht oordelen dat de Eis moet worden toegewezen. In dit verband verwijst de Geschillenbeslechter verder naar artikel 20.1 van de Regeling.

De Geschillenbeslechter wijst het nadere verzoek van de Verweerster om de uitspraak aan te houden tot in ieder geval 20 oktober 2015 derhalve af.

8. Oordeel en Bevindingen

Op grond van artikel 2.1 van de Regeling dient de Eiseres gemotiveerd te stellen en aan te tonen dat:

a. een domeinnaam identiek is aan of zodanig overeenstemt dat er verwarring kan ontstaan met een:

I. naar Nederlands recht beschermd merk of handelsnaam waarvan eiser rechthebbende is; dan wel

II. een in een Nederlandse gemeentelijke basisadministratie geregistreerde persoonsnaam, dan wel een naam van een Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon of een naam van een in Nederland gevestigde vereniging of stichting waaronder eiser duurzaam aan het maatschappelijke verkeer deelneemt; en

b. de domeinnaamhouder geen recht heeft op of legitiem belang heeft bij de domeinnaam; en

c. de domeinnaam te kwader trouw is geregistreerd of wordt gebruikt

Deze gronden worden hierna besproken.

A. Identiek of Verwarringwekkend Overeenstemmend

Om te beoordelen of de onderhavige domeinnaam identiek is of verwarringwekkend overeenstemt met de rechten waarop de Eiseres zich beroept, mag volgens vaste jurisprudentie onder de Regeling bij deze beoordeling het top level domain ".nl" buiten beschouwing worden gelaten (zie bijvoorbeeld Roompot Recreatie Beheer B.V. v. Edoco LTD, WIPO Zaaknr. DNL2008-0008).

Als meest verstrekkend verweer voert de Verweerster aan dat de Eiseres zelf geen handelsnaam "Optidee" voert en derhalve geen handelsnaam recht heeft, en dat Eiseres zich niet op de exclusieve licentie op het merk OPTIDEE kan beroepen.

De Eiseres is een in Duistland gevestigde onderneming die middels Nederlandse adviseurs en agenten haar producten in Nederland verkoopt. Om in Nederland een beroep te doen op bescherming van haar buitenlandse handelsnaam is het niet nodig dat de Eiseres deze in Nederland heeft gevoerd, noch dat zij hier een afzetmarkt heeft. Voldoende is dat de naam hier enigszins bekend is en dat de kans op verwarring aanwezig is (onder meer HR 29 juni 1990, IER 1990, 94 (Matrix/Sebastopol)). De Verweerster heeft als bijlage 2 bij haar Verweerschrift een overzicht van 45 (hoofd)agenten van de Eiseres in Nederland overgelegd, waaruit genoegzaam volgt dat de Eiseres actief is op de Nederlandse markt, en er haar afzetmarkt heeft, zodat er sprake is van meer dan de minimaal vereiste bekendheid en aanwezigheid van verwarringsgevaar. De Eiseres beroept zich derhalve terecht op haar handelsnaam "Optidee".

Volgens bestendige jurisprudentie onder de UDRP, die vergelijkbaar is met de Regeling (bijvoorbeeld Norauto International v. E. Shiripour, WIPO Zaaknr. DNL2008-0026 en Trebon S.r.l. v. Truong Internet, WIPO Case No. DNL2009-0012) heeft een eiser rechten in een merk als hij een geldige merkenlicentie kan overleggen (zie paragraaf 1.9 van WIPO Overview of WIPO Panel Views on Selected UDRP Questions, Second Edition ("WIPO Overview 2.0")). In Beveja Ventilatoren en Luchtbehandeling B.V. v. Venso B.V., WIPO Zaaknr. DNL2012-0032 is daarnaast gesteld dat als "rechthebbende" in de zin van artikel 2.1 sub a onder I van de Regeling kan worden aangemerkt de licentiehouder die van de merkhouder de bevoegdheid heeft bedongen een zelfstandige vordering in te stellen. De Eiseres heeft in deze procedure een kopie van een door de houder van het merk OPTIDEE (die tevens onbetwist de Eiseres' directeur is) aan haar verleende exclusieve licentie op het merk OPTIDEE overgelegd, waarop zij zich heeft beroepen. De Geschillenbeslechter is derhalve van oordeel dat de Eiseres genoegzaam heeft aangetoond dat zij in onder meer Nederland beschikt over het recht op het merk OPTIDEE, en derhalve heeft te gelden als rechthebbende op een naar Nederlands recht beschermd merk zoals bedoeld in artikel 2.1 sub a onder I van de Regeling.

Terecht is niet betwist dat de onderhavige domeinnaam identiek is aan het Merk, zodat de Eiseres heeft voldaan aan de eerste grond zoals verwoord in artikel 2.1 sub a onder I van de Regeling.

B. Recht of Legitiem Belang

Op grond van artikel 2.1 sub b van de Regeling, moet de Eiseres aantonen dat Verweerster geen recht op of legitiem belang heeft bij de onderhavige domeinnaam. Aan dit vereiste is door de Eiseres voldaan indien zij prima facie aantoont dat de Verweerster geen recht op of legitiem belang heeft bij de onderhavige domeinnaam en indien de Verweerster nalaat om dit te weerleggen door omstandigheden aan te tonen als genoemd onder artikel 3.1 van de Regeling.

Tussen partijen is in confesso dat de Verweerster de Eiseres op de hoogte heeft gesteld van de beschikbaarheid van de onderhavige domeinnaam en dat is overeengekomen dat de Verweerster de onderhavige domeinnaam op eigen naam zou registeren. Partijen verschillen evenwel van mening wat de afspraken ter zake de onderhavige domeinnaam zijn, te weten of, zoals de Eiseres beweert, de domeinnaam onmiddellijk aan haar of een aan haar gelieerde onderneming in Nederland zou worden overgedragen, dan wel, zoals de Verweerster beweert, onder de domeinnaam in overleg tussen partijen een website voor "Optidee" producten zou worden ontwikkeld met de mogelijkheid dat de Verweerster al dan niet tegen betaling de onderhavige domeinnaam aan de Eiseres zou overdragen. Deze administratieve procedure is evenwel niet bedoeld of geschikt om hier uitsluitstel over te verkrijgen en de Geschillenbeslechter heeft slechts de mogelijkheid om te onderzoeken of aan de voorwaarden van artikel 2.1 van de Regeling is voldaan, waarbij slechts rekening kan worden gehouden met de aan de Geschillenbeslechter bekende omstandigheden.

Om de redenen genoemd in paragraaf 7 hiervoor, biedt de Regeling de Geschillenbeslechter geen ruimte om rekening te houden met andere aspecten van het geschil tussen partijen dan die welke de Regeling toelaat, waarbij heeft te gelden dat afwijzing van de Eis louter omdat de Verweerster blijkbaar druk op de Eiseres zou willen uitoefenen met betrekking tot de onderhavige domeinnaam geen optie is die de Regeling biedt, en dit ook niet onder de Regeling als een legitiem belang kan worden beschouwd. Artikel 3.1 van de Regeling geeft weliswaar niet uitputtend voorbeelden van wat een recht of legitiem belang bij de domeinnaam kan opleveren, maar deze voorbeelden staan wel alle in de sleutel van concreet gebruik van de domeinnaam, terwijl de voorbeelden van artikel 3.2 van de Regeling proberen te voorkomen dat een domeinnaam wordt gebruikt als 'machtsmiddel' ten opzichte van de gerechtigde tot het merk of ander relevant recht.

In het licht van het voorstaande en hetgeen partijen verder hebben aangevoerd oordeelt de Geschillenbeslechter dat de Verweerster geen recht of legitiem belang heeft bij de onderhavige domeinnaam omdat zij weliswaar met toestemming van de Eiseres de onderhavige domeinnaam heeft geregistreerd, maar zij er niet in geslaagd is te bewijzen dat is overeengekomen dat zij de domeinnaam niet aan de Eiseres zou overdragen of in overleg met de Eiseres een website onder de onderhavige domeinnaam zou ontwikkelen en uitbaten. Wat dan overblijft is dat de Verweerster niet bekend is of was onder de onderhavige domeinnaam, en de onderhavige domeinnaam ook nooit gebruikt heeft om te goeder trouw producten of diensten aan te bieden of hiervoor aantoonbare voorbereidingen heeft getroffen nu de domeinnaam enkel linkt naar een website van een derde partij.

De conclusie is dat derhalve ook aan het tweede vereiste van 2.1 van de Regeling is voldaan.

C. Geregistreerd of Gebruikt te Kwader Trouw

Omdat tussen partijen in confesso is dat de Verweerster de onderhavige domeinnaam op eigen naam registreerde met instemming van de Eiseres staat vast dat de Verweerster de domeinnaam niet te kwader trouw heeft geregistreerd. Op grond van artikel 2.1 sub c van de Regeling is het evenwel voldoende als de Eiseres aantoont dat de onderhavige domeinnaam te kwader trouw wordt gebruikt omdat de eis van registratie en gebruik te kwader trouw van de domeinnaam, anders dan onder de UDRP, geen cumulatieve vereisten zijn.

Omdat de Verweerster geen gebruik van de onderhavige domeinnaam maakt, en deze enkel doorlinkt naar een derde partij die, naar de Geschillenbeslechter begrijpt, niets met de Eiseres, het Merk of haar producten van doen heeft, en de domeinnaam kennelijk vasthoudt als onderdeel van een poging om een voor haar gunstige regeling te verkrijgen in het beëindigingsdispuut dat de Verweerster met de Eiseres heeft, terwijl vaststaat dat de Eiseres een reëel belang bij de onderhavige domeinnaam heeft, houdt Eiseres de onderhavige domeinnaam om de Eiseres te beletten deze te gebruiken, hetgeen kwalificeert als gebruik te kwader trouw. Aan de derde eist van 2.1 van de Regeling is derhalve ook voldaan.

9. Redelijke vergoeding

Omdat aan alle drie de eisen van artikel 2.1 van de Regeling is voldaan zal de Geschillenbeslechter de Eis toewijzen. Voor dat geval heeft de Verweerster verzocht dat de Geschillenbeslechter de Eiseres oplegt om aan de Verweerster een redelijke vergoeding voor het overdragen van de onderhavige domeinnaam te betalen, vooruitlopend op de beslissing in het beëindigingsgeschil. Omdat de Regeling een dergelijke bevoegdheid van de Geschillenbeslechter niet kent zal de Geschillenbeslechter op dit verzoek niet beslissen. Herhaald zij dat het aan de gewone rechter is om te beslissen of de Eiseres aan de Verweerster ter zake een vergoeding verschuldigd is en dat de Geschillenbeslechter hierop geen voorschot genomen heeft.

10. Uitspraak

Op basis van het bovenstaande en in overeenstemming met de artikelen 1 en 14 van de Regeling beveelt de Geschillenbeslechter de wijziging van de domeinnaamhouder van de domeinnaam <optidee.nl> zodat de Eiseres in plaats van de Verweerster domeinnaamhoudster wordt.

Alfred Meijboom
Geschillenbeslechter
Datum: 16 oktober 2015